Je kunt, wanneer je haar wél eens te pakken hebt, haar een heel handig vrijheidsdressuurkunstje leren die je superhandig kan toepassen: het targetten van de hand.
Je houd je paard losjes aangelijnd vast, knipt in je vingers (1 keer!) en houd diezelfde hand open en stil. Zodra je paard met zijn neus je hand aanraakt, beloon je met een "braaf!" en een paar bixbrokjes of een snoepje, het hoeft absoluut geen hele hand te zijn. Dit herhaal je meerdere keren, en na een tijdje houd je je hand ergens anders: eerst had je hem naar haar uitgestoken, nu houd je hem opzij. Je paard weet nu dat hij je hand moet aanraken met zijn neus voor een brokje, en zal naar je hand toelopen en hem aanraken. Je beloont weer, en bouwt het steeds verder uit zodat je paard uiteindelijk overal waar jij je hand houd, zijn neus tegen je hand drukt, waarop jij hem beloont. Dan bouw je het uit door verder weg te gaan staan, etc etc, en uiteindelijk komt je paard naar je toe op commando. Omdat hij dan bezig is met het uitvoeren van het trucje, vergeet hij zijn angst/boosheid/zin om uit te proberen. Concentratie op het trucje = vergeten van de rest.
Mijn paardje kwam gewoon niet (bleef lui achter in de wei staan) en komt nu altijd naar me toe sukkelen.
Wanneer je paard het in het begin niet snapt, kun je ook eerst je hand vlák voor zn neus houden, en eventueel er snel even tegenaan duwen, en het daarna uitbouwen dat hij jou aanraakt.
Hiermee houd je trouwens ook je persoonlijke ruimte in stand: waar jij je hand houd is de grens.
Misschien is dit een oplossing
