Ik vraag ook gewoon wat ze al kunnen, maar ook wat ze leuk en eng vinden (dat enge kan ik dan een beetje verapkken tussen leukere dingen en eindigen met wat leuks/makkelijks voor ruiter en paard).
Ik ga uit van de ruiter en leid ruiter met paard op. Zo gaf ik les aan twee meiden op hetzelfde paard dat feitelijk vrij groen was. Nu reed op het laatst het ene meisje, dat wel ijervaring had, mar geen dressuur ervaring, M niveau met haar (ondanks grote tussenposes van les soms) en het andere meisje, dat ook wel rijervaring had, mar ook geen dresuur ervaring, spring ervaring, wat uitgebreide B, noem ik het maar. Begin van zijgangen en verzameling enzo. Allebei heb ik ze ook laten balkjes lopen en springen. Het ene meisje was erg klein en het paard groot voor haar, dus in het begin veel oefeningen gedaan die de controle bevorderde, tussen dingen door gaan, om dingen heen, dus meer behendigheid dan rijtechnisch, dat is later pas gekomen, toen de basis controle er was. Het is ook nog eens een paard dat graag een loopje met je neemt, maar gelukkig heb ik haar zelf ook getrained, kan ik dus vooruit denken én ze regareert goed op mijn stem en gebaren.
Maar wat ik zeggen wil, ik blijf niet hangen waar het paard zit of waar de ruiter zit, maar leid ze gewoon op, maar elke ruiter naar behoefte en aangepast naar dat paard (zoals in geval heel klein meisje op groot paard).
maar feitelijk dus gewoon met de ruiter bezig zijn. Een goede ruiter neemt het paard wel mee naar zijn niveau.
In de erste les met een nieuw persoon praat ik veel tijdens het losstappen. dan hoor je wel hoe iemand in elkaar zit en ook zie je al hoe zo iemand zit enzo. Verder doe ik gewoon eerst de standaard dingetjes, de drie gangen, figuren en overgangen rijden. Pas in volgende lessen besluit ik waar ik meer aan wil werken. Sommige ruiters kunnen heel zelfstandig rijden en hebben alleen ogen op de grond nodig, zeg maar. Die vragen "gaat het zo goed? "Doet hij u zo en zo?" "Is het zo met de handen?" Andere moet je echt alles commanderen, dus de hele les voor ze invullen en zeggen hoe ze dingen moeten doen. anderen is een combinatie. Je verteld ze wat ze moeten doen, maar ze kunnen daar dan zelf een beetje mee pielen. als het niet helemaal goed gaat, geef je ze aanwijzingen. Maar wie wat wil/gewend is/wil proberen, dat merk je vanzelf in de loop der tijd.