Artikel 118 - Harnachement
1. Het paard dient te zijn opgetoomd met een goed passend en in behoorlijke staat van onderhoud verkerend Engels, of hierop lijkend, (dressuur)zadel, hoofdstel en bit. Het rijden met een westernzadel is niet toegestaan. Het zadel moet voorzien zijn van ruime beugels. Vanwege veiligheidsredenen mogen de stijgbeugelriemen en/of de stijgbeugels niet aan de singel worden vastgemaakt.
2. Het gebruik van een trenshoofdstel met africhtingsneusriem, rechte neusriem, Mexicaanse neusriem, een zgn. gecombineerde neusriem (de gecombineerde neus-
riem bestaat uit een rechte neusriem, welke aan de voorzijde is voorzien van een lus, waardoor een tweede riem - de zgn. sperriem - wordt geleid welke onder de trens langs wordt bevestigd) en een zgn. gecombineerde keel/neusriem voorzien van een enkele trens is verplicht. Voor toegestane neusriemen zie bijlage. Wijzigingen hierop worden vermeld op de website van de KNHS. Een te strak aangesnoerde neusriem zal als wreedheid worden aangemerkt.
3. Voor de klassen vanaf Z1-dressuur geldt, met uitzondering van de pony’s, dezelfde optoming als voor de klassen B t/m M2, aangevuld met de mogelijkheid tot gebruik van een stang- en trenshoofdstel (met Engelse neusriem of Engelse keel/neusriem).
4. Voor toegestane bitten wordt verwezen naar de afbeelding in de bijlage. Wijzigingen
worden gepubliceerd op de website van de KNHS.
5. Stang en trens moeten van metaal zijn of van onbuigzaam plastic en mogen omwikkeld
zijn met rubber of leer (flexibele rubber bitten zijn niet toegestaan). De lengte van de scharen van de stang mag niet meer bedragen dan 10 cm. Als de stang een over de scharen glijdend mondstuk heeft, mag de lengte van de scharen de 10 cm niet te boven gaan als het mondstuk in de hoogste positie is. De diameter van het mondstuk van de (onderleg)trens moet zo zijn, dat dit niet pijnlijk is voor het paard. Het gebruik van een kinriempje/kinketting, voorzien van een kinkettingbeschermer van rubber of van leer en het zgn. slobberriempje, welke de twee scharen van de stang met elkaar verbindt, is toegestaan.
6. De bitten voor paarden dienen glad van uitvoering te zijn en zonder scherpe randen en - met uitzondering van de onderlegtrens - van een zodanige dikte te zijn, dat het deel van het bit dat op de lagen van de paardenmond rust bij de trenzen een dikte heeft van tenminste 1,0 cm; de minimum dikte voor de bitten voor pony’s bedraagt eveneens 1,0 cm. Het gebruik van een tonglepel is toegestaan bij een enkele trens, mits deze braamvrij is. De tonglepel dient minimaal 5 mm dik te zijn.7. Het gebruik van bitringen, die een hefboomwerking bewerkstelligen, is niet toegestaan.
8. Aan het materiaal en de uitvoering van de teugels worden geen regels gesteld, met dien verstande dat in géén enkele klasse het gebruik van een voorziening, die als een lus of handvat kan worden aangemerkt, is toegestaan. De teugels mogen uitsluitend
zijn vastgemaakt aan het bit.
9. Het gebruik van dubbele teugels is niet toegestaan.
10. Het versieren van de staart of van enig ander deel van het paard door middel van voor het paard oneigenlijke dingen, zoals linten en bloemen of anderszins, is niet toegestaan. De manen en de staart van het paard mogen evenwel ingevlochten worden.
11. Kunststaarten zijn toegestaan.
dit is wat op de knhs site staat...