Watertrens is het lost, deze zorgt ervoor dat het paard veel kan spelen met het bit en dempt de ruiterhanden een beetje. Heeft als nadeel dat het voor wondjes gemakkelijk kan zorgen.
Een bustrens ligt al een flink stuk stiller in de mond. Deze is preciezer met de ruiterhulpen en heeft ook niet de wondjes zo snel. Wel zijn ze vaak wat dikker dan watertrenzen, al zijn ze er ook wel dun, maar dat is een aandachtspunt. Als de bussen versleten zijn krijgen paarden er wel rotte plekjes van, maar vaak is dan toch het hele bit versleten.
D-trens ligt het stilst en zorgt ervoor dat je ook aan de zijkant kan sturen. Het is van deze drie eigenlijk de beste maar vaak is er alleen een enkelgebroken D-trens en dat is dan weer een nadeel.
Even op een rijtje hoe ik deze bitten het liefst zou gebruiken.
Ongebroken watertrens
Enkelgebroken bustrens
Dubbelgebroken d-trens
Alles beweegt iets maar naarmate het mondstuk wiebeliger wordt, worden de ringen stiller. Als je echter van plan bent om op een keer met s&t te rijden, raad ik een dubbelgebroken bustrens aan, i.v.m. het voor onderlegtrens doorgaan.