Algemeen
Wetenschappers hebben nieuwe inzichten verkregen in het proces waarbij schimmels wit worden. Uit recent genetisch onderzoek blijkt dat het zogenoemde ‘wit-gen’ niet één uniforme eigenschap is, maar uit verschillende varianten bestaat. Die varianten bepalen niet alleen hoe snel een paard verkleurt, maar ook in hoeverre het risico loopt op het ontwikkelen van melanomen.
STX17-gen
Schimmels worden vrijwel altijd geboren met een donkere vachtkleur, zoals zwart, bruin of vos. Daarna worden ze in de loop der jaren geleidelijk lichter. Uiteindelijk kan de vacht zelfs vrijwel wit lijken. Dit proces wordt veroorzaakt door een genetische verandering die ervoor zorgt dat pigmentcellen in de haren geleidelijk verdwijnen. Het onderliggende mechanisme is gekoppeld aan een mutatie in het zogenoemde STX17-gen (Syntaxin 17). Dit gen staat al langer bekend als de oorzaak van 'verschimmeling' bij paarden.
Uit nieuw onderzoek blijkt nu dat er verschil zit in het aantal kopieën van een specifieke DNA-structuur binnen dit gen. Dat verschil heeft grote gevolgen. Zo is vastgesteld dat er grofweg twee varianten bestaan: een ‘langzame’ en een ‘snelle’ vorm van het wit-gen. Paarden met de langzame variant behouden langer hun oorspronkelijke kleur en verkleuren geleidelijk, terwijl paarden met de snelle variant al op jonge leeftijd een bijna witte vacht krijgen.
Melanomen
Het onderscheid blijkt echter verder te gaan dan alleen uiterlijk. De studie toont aan dat het aantal genetische kopieën direct samenhangt met het risico op melanomen, een vorm van huidtumoren die veel voorkomt bij schimmels op latere leeftijd. Vooral de ‘snelle’ variant, waarbij sprake is van een extra kopie van het DNA-fragment, geeft een duidelijk verhoogde kans op melanomen.
Melanomen bij paarden zijn vaak in eerste instantie goedaardig, maar kunnen in de loop van de tijd groeien en in sommige gevallen kwaadaardig worden. Het risico hierop is bij schimmels aanzienlijk hoger dan bij andere kleuren.
De verklaring voor dit verhoogde risico ligt vermoedelijk in de manier waarop het gen de activiteit van pigmentcellen beïnvloedt. De genetische verandering werkt als een soort ‘versterker’ die bepaalde processen in pigmentcellen aanjaagt. Hoe meer kopieën van die verandering aanwezig zijn, hoe sterker dit effect lijkt te zijn op zowel het verschimmelen van de vacht als op de kans op tumorgroei.
Belangrijke stap vooruit
Voor fokkers en eigenaren betekent deze ontdekking een belangrijke stap vooruit. Waar het verschimmelen van paarden voorheen als één enkel erfelijk kenmerk werd gezien, blijkt nu dat er binnen die groep duidelijke genetische verschillen bestaan. Met behulp van genetische testen kan in de toekomst mogelijk beter worden ingeschat hoe snel een paard zal verschimmelen en welk gezondheidsrisico daarbij hoort.
Daarnaast biedt het onderzoek meer inzicht in waarom sommige paarden al op jonge leeftijd vrijwel wit worden, terwijl andere jarenlang donker blijven met slechts enkele grijze haren. Het verschil zit niet alleen in leeftijd of omgeving, maar ligt verankerd in het DNA.
De verwachting is dat deze nieuwe kennis niet alleen invloed zal hebben op fokstrategieën, maar ook op de manier waarop schimmels medisch worden gevolgd. Vroegtijdige monitoring kan in de toekomst mogelijk beter worden afgestemd op het individuele risicoprofiel van het paard.
Gebruikte bronnen:
Hoewel ze nu ook plekjes terug begint te krijgen in haar basiskleur palomino (vliegenschimmel).