Algemeen
Op 16 juni hield dr. Inga Wolframm haar inaugurele rede voor haar nieuwe functie als lector Duurzame paardenhouderij en paardensport bij Van Hall Larenstein. Een taak waarbij ze de brug gaat bouwen tussen wetenschap en praktijk. Iets waarbij hippische ondernemers een belangrijke rol gaan spelen. In dit artikel legt ze alles uit over dit lectoraat en wat ze voor ondernemers wil betekenen.
Wie is Inga Wolframm?
Voordat we op het lectoraat ingaan, eerst even iets over Inga zelf die behoorlijk wat universitaire opleidingen heeft gevolgd op het gebied van politicologie, bewegingswetenschappen van mens en paard en gepromoveerd is in de sportpsychologie in de paardensport. De rode draad hierin is haar fascinatie voor het gedrag van de mens in interactie met dieren. Dat bracht de van origine Duitse op vele werkplekken. Van het Europees parlement in Brussel naar Hartpury University in Engeland tot de KNHS en, vlak voordat ze in dit lectoraat stapte, de Faculteit Diergeneeskunde in Utrecht. In die laatste functie was het haar hoofdtaak om een verbindingsslag te slaan tussen het wetenschappelijk onderzoek en de praktische inzet daarvan in de maatschappij. De rol van lector Duurzame paardenhouderij en paardensport is Inga dus op het lijf geschreven en zorgde ervoor dat ze weer terugging naar Van Hall Larenstein, waar ze al eerder als docent en onderzoeker werkte.
Eén sliert met schakels
Als lector geeft Inga leiding aan een onderzoeksgroep binnen het hbo met de opdracht om praktijkgericht onderzoek te doen. “Belangrijk is de link naar de praktijk. Wetenschap is nuttig en noodzakelijk, maar dat staat soms nog te ver af van de maatschappij. Het is van belang om goed onderbouwde kennis bij de mensen te krijgen en dit in te bedden in de praktijk. Het leggen van verbindingen tussen deze twee is dus een groot onderdeel van mijn lectoraat. Ik zie het als één lange sliert met verschillende schakels die alle een belangrijke factor hebben. Als er dan iets niet lukt en bepaalde kennis niet wordt opgepakt dan betekent dat niet dat we met een vinger gaan wijzen, maar wel dat ik ga onderzoeken wat hieraan ten grondslag ligt. Is het niet duidelijk, zijn er bepaalde omstandigheden waarom het niet kan of willen de mensen het niet? En dat allemaal rondom drie pijlers ingezet op duurzame paardenhouderij en paardensport.”
Drie pijlers
Hoewel het woord ‘duurzaam’ de laatste jaren veel valt, wil Inga dit toch nog nader toelichten. “Met duurzaam willen we ervoor zorgen dat de behoefte die wij als mensen op dit moment hebben de behoefte van de generatie die na ons komt niet in gevaar brengt. We hebben beperkte resources en we moeten ervoor waken dat die niet opraken. Dus moeten we zorgen dat we iets terugbrengen om de volgende generatie ook de mogelijkheid te geven om te genieten van de natuur en paardensport. Dat proberen we te bereiken door het onderwerp in eerste instantie op te delen in drie pijlers waar we mee aan de slag gaan:
- 1. Duurzame omgang met paarden
- 2. Duurzaam ondernemen
- 3. Duurzame omgeving voor paard en mens.”
Welzijn en gedragsveranderingen
Laten we even dieper op de hoofdonderwerpen ingaan om uit te leggen welke onderzoeken er momenteel lopen. “Met de eerste pijler over duurzame omgang met paarden willen we ons richten op hoe we ervoor kunnen zorgen dat we bepaalde kennis toepasbaar maken. Dat zit niet altijd in het begrijpen van iets, maar soms komen daar ook de nodige tradities en emotie bij kijken. Denk aan de wetenschappelijke kennis die we nu hebben omtrent bandages, die desondanks nog steeds veel worden gebruikt. Dus willen we analyseren waarom deze informatie niet overgenomen wordt en doorvloeit in de praktijk.”
Duurzaam ondernemen
Rondom het duurzaam ondernemen zijn Inga en haar team al een redelijk eindje op weg. “De methode oftewel de manier van onderzoeken is getest, waarna het echte onderzoeken kan beginnen. De paardensport is voor een groot deel afhankelijk van ondernemers en bij hen ligt veel druk. Tegelijkertijd zijn er veel uitdagingen en kansen voor deze groep en met ons onderzoek willen we in kaart brengen waar de ambities liggen op het gebied van welzijn, duurzaamheid en natuur. En vooral ook waar de ondernemers tegenaan lopen. Zo hebben we in samenwerking met de Federatie Paardrijden Gehandicapten een pilot gedraaid bij een aantal van hun leden. Wat bleek? De kennis hadden ze en ze wilden graag nog meer inzetten op paardenwelzijn en meer weidegang. Echter, het omliggende extra weiland was in bijna alle gevallen in eigendom van de gemeente of een publieke organisatie. De gesprekken met deze partijen liepen op een gegeven moment vast. Met deze informatie kan je gaan kijken naar het formuleren van een boodschap, zodat de andere partij wel de maatschappelijke meerwaarde ziet van de omgang met paarden om ze over de streep te krijgen. ‘One size fits all’ werkt niet voor de hele paardensector, maar er zijn wel punten waar hetzelfde soort stallen structureel tegenaan lopen. Wij willen uitvinden wat dit is om ze vervolgens te helpen. Ik ben ervan overtuigd dat we als sector samen moeten optrekken om verder te komen en op deze manier zetten we een goede stap.”
Biodiversiteit
Als laatste is het de bedoeling om aan de slag te gaan met de biodiversiteit. “We zijn als paardenhouders in Nederland best een klein clubje, maar als je uitrekent hoeveel hectare we beslaan dan kunnen we zeker impact hebben. Het leuke aan het biodiverser maken van een paardenbedrijf is dat deze elementen heel natuurlijk zijn in onze paardenomgeving. Met onze samenwerkende partij Part-Ner die gespecialiseerd is in biodiversiteit en een passie heeft voor paarden gaan we beginnen met een nulmeting. Meetbaar maken van wat er allemaal al is om vervolgens te kijken welke interventies en beplantingsplannen gemaakt kunnen worden. Er zijn zo veel opties waardoor je als paardenhouder kan bijdragen aan de biodiversiteit in de gemeente en op deze manier ook aan een duurzamer Nederland.”
Waarde voor ondernemers
Leuk al deze projecten natuurlijk, maar wat hebben de hippische ondernemers hieraan Inga? “Er lopen inmiddels al best veel projecten, met verschillende partners, die je hier natuurlijk niet allemaal kunt noemen. Toch vind ik het belangrijk om ook even duidelijk te maken dat goed praktijkgericht onderzoek tijd vergt en geld kost, vooral als je veel voor elkaar wilt krijgen. Dat praktijkgericht onderzoek levert nieuwe kennis op en het idee is om deze kennis samen met verschillende projectpartners te integreren in de praktijk. Daar hebben ondernemers iets aan, zeker als ze openstaan voor veranderingen. Die veranderingen gaan ons als sector zeker verder brengen. Ondernemers die bovenstaande thema’s aanspreken, mogen gerust contact met mij opnemen.” (https://www.hvhl.nl/onderzoek/lectorate ... sport.html)
