Overige

Foto door Marjoow
Het Nederlandse weer is altijd een verrassing. Zo schijnt de zon, zo spoel je bijna weg van de regen en een paar dagen later daalt de temperatuur tot onder het vriespunt. De herfst is inmiddels al aardig gevorderd en de winter komt er aan. De omgeving verandert. De bladeren kleuren prachtig oranje, de mist hangt laag over het landschap en straks valt misschien wel de eerste sneeuw. Magisch! Of brengt het voor de paardenliefhebber juist wat ongemakken met zich mee?
1. De wereld is veranderd in een modderpoel
De prachtigste groene paden langs de oevers van de rivieren en sloten of in het bos veranderen in een modderpoel. Als ze al begaanbaar zijn, lijkt je paard op een nijlpaard wanneer je terugkomt van een rit. Benen en buik druipen van de modder en de spetters zitten tot achter de oren.
2. Geen ruimte voor een goede rengalop
Waar de paden zomers perfect zijn voor een goede rengalop, zijn ze nu te glad en te modderig of ze veranderen in de winter in een ijsbaan. Helaas geen ruimte om je paard eens even lekker uit te laten razen.
3. Koude voeten!
Je draagt drie paar sokken en je kunt je tenen nog steeds niet voelen. Zolang je nog in beweging blijft of aan het rijden bent niet zo'n probleem. Maar je ziet al op tegen het moment dat je van je paard moet springen op de harde stenen. En dan maar hopen dat paardlief niet ook nog een stapje opzij doet en zijn hoef op je bevroren tenen neerzet.
4. Je handschoenen zijn niet te vinden
Je weet zeker dat je je handschoenen in je jaszak hebt gestopt. Of in je poetskist. Of toch in de auto of thuis laten liggen? Op de een of andere manier zijn die dingen altijd kwijt op het moment dat je ze nodig hebt. Zaak om meerdere paren aan te schaffen en deze zowel thuis als op stal neer te leggen. En dan maar hopen dat je niet op een gegeven moment twee linkerhandschoenen vindt en de rechter spoorloos zijn.
5. De paard-etende kabouters overwinteren massaal in Nederland
Vergeet de prachtige bladeren en mooie rijp aan de bomen. Let maar gewoon op je paard, want de paard-etende kabouters zijn weer massaal in Nederland neergestreken om te overwinteren. Langs elk pad, achter elke boom, in elke berm kunnen ze wel eens zitten. Dat moet je als paard natuurlijk goed in de gaten houden en er misschien bij voorbaat al voor wegschieten.
6. Klaarmaken voor een rit duurt een eeuwigheid
Tegen de tijd dat je je paard en jezelf hebt ingepakt is het alweer bijna tijd om naar huis te gaan. Dik dekje en uitrijdeken voor je paard, zelf al tien minuten naar je handschoenen moeten zoeken, thermolaarzen aan, muts onder je cap, of toch niet? Toch maar dat extra paar sokken aan. En vergeet de laagjes kleding niet om jezelf warm te houden.
7. Wat? Is het al donker?
Na je werk nog even naar je paard is er bijna niet meer bij, want om 16.00u is het al flink aan het schemeren. Trek de reflectiekleding en lampjes maar uit de kast als je nog buiten op pad moet. En anders de baklichten aan, waardoor het paard weer schrikt van zijn eigen schaduw. Of misschien heb je wel de luxe van een binnenbak, waardoor je van dit alles geen last hebt.
8. Maar ondanks alle perikelen is de winter te paard prachtig!
Op een perfecte winterdag, wanneer alles helderder en scherper lijkt dan normaal en jij en je paard zich een weg banen door het bevroren landschap, is het alsof je je op de perfecte kerstkaart waant. De stilte, de rust, de konijntjes die voor je voeten uitlopen, een roofvogel die boven je hoofd cirkelt op zoek naar een prooi en als je geluk hebt daar tussen de met rijp bedekte bomen een ree die geboeid naar jou en je paard staat te kijken. De winter is prachtig!

