
Foto: Wikimedia Commons
Een Duits onderzoek heeft meer bewijs gevonden voor de zaden van de esdoorn als veroorzaker van Equine Atypische Myopathie.
Vier onderzoekers bogen zich over de hypothese dat de inname van de zaden voor de aandoening zou kunnen zorgen. Al jaren wordt de esdoorn gezien als mogelijke veroorzaker, maar sluitend bewijs is er tot op heden nog niet. De aandoening zorgt voor ernstige schade aan spierweefsel, waaronder die van het hart.
De Duitse wetenschappers onderzochten een merrie die overleden was aan de klinische symptomen van progressieve spierstijfheid en decubitus. Voor haar dood had zij esdoornzaden opgegeten.
Robert Klopfleisch en zijn collega's voerden autopsie uit op het lichaam en bekeken weefsels onder de microscoop. Ze onderzochten daarnaast het bloed op metabolieten van hypoglycine A (HGA), een stof die voorkomt in esdoornzaden. Ze vergeleken hun data met drie ruinen die geen geschiedenis kenden van myopathie.
Ze troffen restanten van esdoornzaden aan in de maag van de merrie, en vele spiergroepen waren aangetast. Microscopisch onderzoek van de aangetaste spieren lieten acute rhabdomyolyse zien met ophopingen van vetdruppels in het cytoplasma van de kapotte spiercellen. Deze afwijkingen waren niet aanwezig bij de ruinen. Het bloed en de urine van de merrie bevatte metabolieten van HGA.
De onderzoekers concluderen daarom dat de HGA in de esdoornzaden waarschijnlijk atypische myopathie veroorzaken.