
De aangetroffen botten. Foto: Comenius Universiteit
Wilde paarden waren een belangrijke bron van voeding voor Neanderthalers die in centraal Slowakijke leefden, 40.000 jaar geleden. Dat zegt een nieuw wetenschappelijk onderzoek.
De onderzoekers baseren hun conclusie op de vondsten van meer dan 11.500 dierenbotten, fragmenten en tanden die achtergelaten werden door Neanderthalers in grotten bij Prepoštská. Het Neanderthalerdieet bestond voornamelijk uit wilde paarden (Equus cf. Germanicus), alsook uit neushoorns (Coelodonta antiquitatis), bizons (Bison priscus) en andere grote grazers.
De vondsten zijn het bewijs voor georganiseerde jacht bij de Neanderthalers. Veel botten werden verbrand aangetroffen, vooral de botten van grotere dieren zoals paarden, mammoeten, neushoorns en bizons. "Neanderthalers schraapten het vlees van de botten en braken de botten om zo bij het beenmerg te komen." aldus een van de onderzoekers.
)
.