
Maaien van gras, bron: wikimedia commons
Vitamine A staat bekend om zijn rol in zicht, maar heeft ook een functie bij reproductie, genexpressie, differentiatie van epitheelcellen en groei van het paard. Daarnaast is vitamine A één van de twee vitaminen die niet geproduceerd worden in het lichaam van het paard. Om genoeg vitamine A te hebben moet een paard dit binnen krijgen via voeding.
Vitamine A komt overvloedig voor in de vorm van carotenen in vers gras en bladeren, maar ook in wortelen. Carotenen zijn onverzadigde verbindingen die uitsluitend in planten worden gemaakt. Ze worden in de darmen omgezet naar vitamine A met behulp van enzymen. Omdat vitamine A een vetoplosbare vitamine is vereist de opname hiervan wel enig vet in het dieet van het paard. De kleine hoeveelheid vet die in gras zit is normaal gesproken genoeg om de vitamine te laten absorberen door het lichaam.
De hoeveelheid carotenen die voorkomt in vers gras en blad neemt snel af wanneer het gras bijvoorbeeld gemaaid is. In de eerste 24 uur kan er tot 85% verloren gaan door oxidatie van de carotenen. In de maanden daarna is dit gemiddeld een verlies van 7% per maand. Door dit verlies ontstaat er hooi wat bijna geen carotenen meer bevat. Paarden die uitsluitend hooi krijgen tonen vaak een tekort van vitamine A binnen een relatief korte periode. Veel commerciële voedingen bevatten dan ook toegevoegde vitamine A om deze tekorten te voorkomen.
Vitamine A speelt een belangrijke rol in de groei van paarden. Een te kort heeft een negatieve invloed op de groei, lichaamsgewicht en hartomvang bij jonge paarden. Ook de ontwikkeling van botten is onder invloed van de vitamine omdat vitamine A belangrijk is bij de ontwikkeling van osteoclasten. Er vindt een constante ombouw van botten plaats in het lichaam. Osteoclasten zijn botcellen die verantwoordelijk zijn voor het afbreken van botten, terwijl osteoblasten (ook botcellen) verantwoordelijk zijn voor de opbouw van botten. Bij een tekort van de vitamine worden er minder osteoclasten aangemaakt en krijgen de osteoblasten meer ruimte voor bot opbouw. Hierdoor ontstaan er kortere en dikkere botten dan normaal. Deze afwijkingen in de botten kunnen resulteren in druk op bepaalde zenuwen zoals de gehoor- en oogzenuw, wat kan lijden tot doofheid en blindheid.
Vitamine A is dus een belangrijk onderdeel van het dieet van een paard. Paarden die veel op de weide staan en de beschikking hebben over vers gras halen de benodigde hoeveelheid vitamine A uit de carotenen in het gras. Wanneer een paard weinig op de weide staat kan het bijgevoerd worden met een commerciële voeding waaraan vitamine A aan toegevoegd is. Uit onderzoek is gebleken dat carotenen niet toxisch zijn voor paarden omdat het enzym wat caroteen omzet naar vitamine A in gelimiteerde hoeveelheid voorkomt in het lichaam.