
Een Deense studie heeft aangetoond dat springpaarden meer kans hebben om hartritmestoornissen te ontwikkelen, dan paarden in andere disciplines.
Rikke Buhl, paardencardioloog en onderzoeker aan de universiteit van Kopenhagen, heeft onlangs een rapport voorgesteld over door training veroorzaakte hartritmeveranderingen bij paarden. Dat springpaarden meer kans hebben op hartritmestoornissen, kan verklaard worden doordat zij tijdens het springen meer veranderingen in het hartritme ondervinden. Goed getrainde paarden ontwikkelen mettertijd een groter hart, lichte hartruis en wellicht wat hartritmestoornissen tijdens en na de training. Dat fenomeen staat bekend als een sporthart. Ze zegt: 'Of die veranderingen kunnen leiden tot potentieel fatale hartritmestoornissen en de plotse dood van sportpaarden, blijft speculatie."
Een lange training veroorzaakt enorme veranderingen in het lichaam. Tijdens de training is er meer nood aan zuurstof voor de bloeddoorstroming. Tegelijk wordt er ook meer bloed door het hart gepompt en is de hartslag groter. Dat zorgt voor een groter hart-minuut-volume, ofwel de hoeveelheid bloed die het hart per minuut wegpompt. "Op korte termijn kan het hart het grotere volume en of de hogere druk gemakkelijk aan," zegt Buhl. "Als de overbelasting echter vaak herhaald wordt, worden andere mechanismes geactiveerd, waardoor de hartspiermassa vergroot. Dat fenomeen is bekend als het sporthart."
Volgens Buhl wordt er al jaren gediscussieerd over het verband tussen grotere harten bij paarden en succes in het racen. "Het idee achter die hypothese is dat het bloedvolume dat het hart rondpompt hoger is bij sporters met een groot hart en dat de maximale zuurstofopname groter wordt. Dat is vastgesteld bij volbloeden." Die resultaten, die gesteund worden door verschillende studies bij racepaarden, tonen een positief verband aan tussen de grootte van het hart en de prestaties in een race.
Naast cardiale hypertrofie (vergroten van het hart) ontwikkelen sportpaarden ook lekkende hartkleppen, die te horen zijn als hartruis. "De fysiologische oorzaak van lekkende hartkleppen is niet duidelijk," zegt Buhl. "In het algemeen zijn de lekken klein en worden ze mettertijd niet erger." Meer zelfs, het is bewezen dat het merendeel van de lekken met training verdwijnt.
"Veranderingen in de hartslag, veroorzaakt door training, kunnen ook hartritmestoornissen veroorzaken," zegt Buhl. Recent zijn studies gepubliceerd over hartritmestoornissen bij normaal presterende racepaarden en rijpaarden. Een groot aantal hartritmestoornissen zijn geobserveerd. Volgens Buhl lopen paarden die op hoog niveau presteren meer risico om te sterven aan hartfalen terwijl ze op maximale capaciteit presteren. Er zijn paarden die instorten en sterven tijdens of na de training. De pathofysiologische veranderingen die ervoor zorgen dat paarden instorten of plots sterven aan hartfalen, zijn onbekend.
"De plotse dood van een paard heeft een grote invloed op het dierenwelzijn, de veiligheid van de ruiter, het financiële aspect en de public relations," zegt Buhl. "Een autopsie laat bij de meeste paarden die plots sterven, niet veel letsels zien die de dood hebben veroorzaakt. Spontane hartritmestoornissen zijn normaal bij een paard in training, dus er kan aangenomen worden dat storingen in de cardiale repolarisatie (de herstelfase) een plotse dood kunnen veroorzaken, net zoals bij mensen. Dat moet echter verder onderzocht worden."