
Laat ik bij het begin beginnnen: de reis. Na maanden van voorpret was het eindelijk zo ver en stapten we zondagochtend vroeg in de auto richting Schiphol met een koffer vol oranjeprul en oranje gelakte nageltjes. Na een voorspoedige reis zetten we aan het eind van de ochtend voet op Engelse bodem. Na een bustrip en een metroreisje maakten we gelijk kennis met het weer in Engeland: stromende regen. We trotseerden plassen, stroompjes en halve rivieren (ok, beetje overdreven) en kwamen doorweekt bij ons hotel aan. Uiteraard begon toen de zon weer te schijnen....
Na een gezellige middag in Londen (shoppen!!) streken we neer bij een pub. Dat bleek niet zo'n goed idee, want mijn reisgenoot werd ziek. De hele nacht waren we op en de volgende dag (de dag van het teamspringen) ging het nog niet veel beter. Ik mocht niet bij haar blijven en werd door haar verplicht om naar het stadion te gaan voor de wedstrijd.
Dus daar ging ik in mijn eentje. De reis duurde ongeveer een uurtje en liep gesmeerd. Eenmaal bij Greenwich aangekomen kon ik niet meer verkeerd lopen. Om de vijf meter staan mensen die je de weg wijzen met grote roze handschoenen en megafoons. De straten waren zelfs afgezet. Mooi en geweldig om mee te maken.
Hartkloppingen
Eenmaal in het stadion besloot ik snel mijn plek op te zoeken: rij 34. Hoog, maar ik kon alles prachtig zien. Als ik rechts keek zag ik op een twintigtal meter de paraplu's van de NOS en als ik links keek zag ik de grote schermen. En voor me natuurlijk de piste met de enorme hindernissen en een enorme sloot.
Nog vijf minuten voor de eerste start en de tribune liep vol. Naast mij streken verschillende Nederlanders, uiteraard in het Oranje, neer. Gezellig! Uiteraard waren we niet de enigen in het oranje en overal op de tribune zag je plukjes oranjefans.
Na een aantal starts was het tijd voor de eerste ruiters van de landenwedstrijd. Met een stadion vol nationaliteiten was er voor elke ruiter applaus. Toen de eerste voor Engeland in de ring kwam, schoot ik gewoon in de lach van alle hysterie. Van alle kanten klonk gejuich en overal wapperden vlaggetjes. En toen was het eindelijk tijd voor de eerste Nederlander. In een mooi oranje jasje kwam Jur Vrieling op zijn paard de ring in. Zijn resultaat kennen we allemaal: acht strafpunten. Jammer, maar er was nog geen man overboord. Het slechtste resultaat zou immers geschrapt worden.
Na de tweede ronde werd het al spannender en na de derde geloofde ik er helemaal in: we gingen voor een medaille!! De vierde en beslissende ronde was zenuwslopend. Terwijl wij Nederlanders duimden en stiekem opgelucht lachten toen de laatste Brit een balk eraf gooide, zo hard juichte een kind voor ons toen ook Gerco Schroder een fout maakte. In de laatste twee ritten, die van Nederland en Engeland, bereikte mijn hart bijna zijn snelste slag ooit. Bijna, want er kwam nog een barrage aan...
Snel rende ik met een andere oranjefan de tribune af op weg naar de wc's. Even snel voor de barrage.
Ondertussen werd het parcours omgebouwd en verscheen de eerste Engelse ruiter weer in de ring. Hij reed goed en het was tijd voor Jur, die zijn eerdere fouten meer dan goed maakte: foutloos. Met klotsoksels en hartkloppingen keek ik ademloos naar de volgende ruiters. Ook de Engelsen achter ons hadden het niet meer. Al zuchtend en voetentrappelend keken ze naar het schouwspel.
Toen Marc Houtzager in de ring kwam en een balk er af gooide, wisten we dat er geen goud meer in zat. De Britten werden compleet gek en sprongen alle kanten op. Voor ons werd een fles champagne opengetrokken en werd gedronken op de overwinning. Ze proostten ook nog op onze medaille. En trots mogen wij Nederlanders ook zijn op onze springruiters. Ze hebben het fantastisch gedaan!
Met een Brit die zijn medaille liet zien aan zijn paard, de Nederlanders die trots hun medaille in ontvangst namen en een ereronde zat de dag er weer op. Voor mij is het nog niet afgelopen. Vandaag zit ik weer op de tribune en dit keer gelukkig niet alleen...
