www.destentor.nl
Terwijl de paarden op het voorterrein bij Kasteel Huize Ruurlo zich warmliepen en de deelnemers door burgemeester Hein Bloemen officieel welkom werden geheten waren de 'sliptrekkers' al onderweg.
Niet ter paard maar lopend door de landerijen en bossen. Over sloten, dwars door singels en struiken, rondjes trekkend over een akker, precies zoals een slimme vos dat ook doet trokken Henk Klein Bluemink, Gijs Lourens en Wim Groot Kormelink een lap met daaraan een vossengeur over de grond om zo een spoor (scent) te trekken.
Voor de dertigste maal vond zaterdag in Ruurlo een slipjacht plaats. Een slipjacht, of 'jagen achter de meute' is een traditie met een rijk verleden. Hoewel? Niet alle rituelen rond de jacht werden zaterdag volgens het protocol uitgevoerd. Een misverstand tussen de gemeente Berkelland en een Ruurlose cateraar was daar debet aan. Immers de traditie wil dat na het aanblazen van de jacht door hoornblazers de deelnemers met een glas in de hand elkaar een goede jacht toewensen. Maar de alcoholische versnapering ontbrak evenals een geluidsinstallatie.
Net toen de meute honden en de jagers over de brug van het kasteel het veld introkken verscheen de cateraar. Een misverstand over de aanvangstijd van de jacht was daar de oorzaak van. Burgemeester Bloemen excuseerde zich hoogstpersoonlijk toen hij de vijftig 'jagers' bij hun vertrek groette. Die namen hem niets kwalijk. Bij een vrouwelijke deelneemster ontlokte dit de luchtige reactie: ,,De mannen krijgen vandaag nog voldoende de gelegenheid om de schade in te halen!"
En naar goede traditie hadden de meeste jagers ook nog wel iets in de binnenzak van hun rode of zwarte jasjes zitten. Toen de 42 tellende meute honden van Koninklijke Nederlandse Jacht Vereniging (KNJV) het spoor aan de Hengeloseweg te pakken hadden gingen ze er in een sneltreinvaart vandoor, gevolgd door de ruiters. Prachtig om al die rode jasjes in de verte te zien. Trouwens, aan de kleding zijn strenge voorschriften verbonden. Zo wordt er voordat de jacht begint traditioneel tijdens de meet de tweedjas gedragen. Daarna wordt de tweedjas vervangen door de rode jachtrok (onder meer een rood jasje en witte broek).
Maar liefst 78 sloten telde de slipjacht zaterdag; een record. Regende het voor de jacht pijpenstelen, tijdens de twee uur durende jacht bleef het droog. De landerijen liepen amper schade op. Het Ruurlose Slipjachtcomité bestaande uit Anton Bretveld, Gerrit Flierman, Hendrik Mulderije en Gerrit Klein Bluemink hadden drie perfecte runs met een totale lengte van ongeveer zeventien kilometer uitgezet, oordeelden de 'jagers'. ,,Perfect en veilig voor mens en dier. Schitterende sloten en houtwallen zonder onnatuurlijke obstakels", vonden de 'fieldmasters' Pascal Hazeleger en Bernhard Minnen van de KNJV.
Het slipjachtcomité had dat zelfde gevoel. Anton Bretveld: ,,Om deze jacht te evenaren zullen we volgend jaar weer alles uit de kast moeten halen. De medewerking van de grondeigenaren is fantastisch. Meer dan vijftig eigenaren stelden hun gronden beschikbaar. Zonder hun medewerking is een dergelijke activiteit onmogelijk. Daarvan is zich soms niet iedereen van bewust."