Moderators: Neonlight, C_arola, Firelight, Sica, Dyonne, NadjaNadja, balance, Essie73
Goofy44 schreef:In stap, draf en galop kun je schijnovergangen maken in tempo, dus binnen dezelfde gang. Dat wordt schakelen genoemd, de oefeningen hebben op dat waarvoor ze bedoeld zijn een goed effect. Je kan het ook tempo wisselingen binnen gang noemen. (tempo hier bedoeld in relatie tot snelheid). Je gaat uit van een referentie tempo, dat tempo kan omhoog ++ en omlaag --. Je gaat dus niet over van de ene in de andere gang, dat zouden overgangen zijn. De schijnovergangen of tempo wisselingen worden ook wel overgangen binnen een gang genoemd of .... schakelen.
GoldStar schreef:Artsen gebruiken daarom Latijnse benamingen, die worden als het goed gaat overal door artsen begrepen......
Goofy44 schreef:Het verschil tussen de definities met en zonder arbeidsstap is, dat de definitie voor de arbeidsstap in de FEI regels ontbreekt. In het wedstrijd regelement van Nederlandse proeven wordt is de arbeidsstap opgenomen, met de bijbehorende beschrijving van de arbeidsstap.
Goofy44 schreef:Het Tempo is het aantal passen of stappen per minuut. Of het passen of stappen zijn, ligt aan de taal en de definitie. De snelheid van het paard wordt bepaald door de stap-frekwentie (dus passen per minuut) x de paslengte (de lengte van een pas). Als het tempo (pas frekwentie) constant gehouden moet worden in de overgangen (bij dressuur) dan komt het snelheidsverschil volledig voor rekening voor de verandering in de paslengte door het paard. (de hoeveelheid grond dekking per pas). De meeste dressuur ruiters (in de top) lukt het niet om het tempo en het ritme in de overgang tussen meer en minder uitstrekken constant te houden. In stap varieert het tempo tussen 52-56 passen / minuut, de paslengte van 1,57-1,93 m en de snelheid van het paard 1,4-1,8 m/sec = 84 - 108 m/min.
In stap is de paslengte:
a). laterale afstand (afstand achterhoef tot volgende plaatsing voorhoef) +
b) tracking afstand (afstand voorhoef tot de volgende plaatsing achterhoef).
Het is niet de laterale afstand maar de tracking afstand die het meeste bijdraagt in het uitstrekken van de paslengte. De paslengte = laterale afstand + tracking afstand.
Goofy44 schreef:Het verschil tussen de definities met en zonder arbeidsstap is, dat de definitie voor de arbeidsstap in de FEI regels ontbreekt. In het wedstrijd regelement van Nederlandse proeven wordt is de arbeidsstap opgenomen, met de bijbehorende beschrijving van de arbeidsstap.