[AG]“Welkom in het circus!” deel IV – Lehmann: olympiër in het circus

Moderators: Muiz, Firelight, NadjaNadja, Essie73, Maureen95

Antwoord op onderwerpPlaats een reactie
 
 
JPitty
Lid Nieuwsredactie

Berichten: 26632
Geregistreerd: 01-06-10
Woonplaats: Zwolle

[AG]“Welkom in het circus!” deel IV – Lehmann: olympiër in het circus

Link naar dit bericht Geplaatst door de TopicStarter: 20-02-23 18:47

Eurodressage.com
Algemeen

Afbeelding
Fredy Knie senior met paard. Foto: Markus Bärlocher/Wikimedia Commons


Dit artikel is geschreven door Silke Rotterman. Haar interesse ligt bij de klassieke dressuur. Zij is bekend van haar gedetailleerde geschiedenisartikelen over de gouwe oudjes in de dressuursport en haar artikel over klassieke dressuurtraining, die vaak diep op de materie in gaan. Zelf rijdt ze al sinds haar jeugd. Ze heeft enige tijd doorgebracht bij voormalig olympisch kampioene Christine Stückelberger en haar trainer Georg Wahl. Hun klassieke benadering heeft een beslissende invloed gehad op hoe Silke de sport nu ziet. Sinds 2010 werkte ze samen met kolonel Christian Carde, met wie ze ook enkele boeken heeft geschreven over de klassieke dressuur. Silke fotografeert ook en schrijft regelmatig artikelen voor internationale paardentijdschriften en -websites, zoals Eurodressage.com. Dit artikel is een vervolg op [VN] [AG]“Welkom in het circus!” Over klassieke dressuur in het circus, [VN] [AG]“Welkom in het circus!” deel II – Dressuur moet liefdevol zijn en [VN] [AG]“Welkom in het circus!” deel III – Wahl: van Wenen naar circus, die eerder al op VN zijn verschenen.

Als een olympische ruiter uit de cavalerie bij het circus gaat trainen
Het verhaal van olympisch ruiter Ulrich Lehmann, uit de Zwitserse cavalerie-opleiding.

De Zwitserse dressuurruiters uit de cavalerie hebben sinds de Tweede Wereldoorlog zeven olympische medailles gewonnen. Hiervan waren twee gouden, toen de jonge Ulrich Lehmann een poging deed in de voetsporen te treden van zijn grote voorgangers. Eén daarvan was Henri Chammartin, die in 1964 olympisch kampioen werd.

Toen zijn getalenteerde Zweedse ruin Widin (v. Obelisk) moeite had met de piaffe, herinnerde Lehmann zich circusdirecteur Fredy Knie senior, die vanaf de jaren ’60 al ruiters en paarden van de Zwitserse cavalerie-opleiding hielp. Tijdens de voorbereidingen op de Olympische Spelen van 1976 in Montréal gingen Lehmann en Widin naar het circus om dit probleem op te lossen. Deze samenwerking zou blijven tot aan het einde van Lehmann’s carrière.

Pierre-Eric Jaquerod, voormalig I-jurylid en Lehmann’s baas bij de Switserse cavalerie-opleiding (EMPFA), was verantwoordelijk voor de samenwerking tussen de ruiters van de cavalerie en Fredy Knie senior. In dit interview zijn de vragen die Eurodressage stelde (ED) met UL door Ulrich Lehmann beantwoord, de antwoorden met P-E.J. zijn van Pierre-Eric Jaquerod.

Het contact met Knie
ED: Hoe is het de samenwerking tussen de EMPFA en Fredy Knie senior tot stand gekomen?
P-E.J.: In de jaren ’60 werd ik uitgenodigd door Fredy Knie senior om een soort speciale ochtendtraining bij te wonen. Wij mochten op enkele van zijn paarden rijden en Henri Chammartin heeft ook nog op een giraffe gereden. Toen we daarna nog even gingen zitten in zijn caravan, zei Fredy Knie senior tegen mij dat ik, als ik interesse had, gewoon moest terugkomen om naar de training te kijken. Met de toestemming van Kolonel Mange, die toen het hoofd van de EMPFA was, ging ik elke ochtend terug naar het circus. Ik keek ernaar uit om naar de trainingen te kijken. In plaats van dat ik passief naar de training keek, werd ik betrokken bij het werken met de paarden aan de longeerlijn, in vrijheid en onder het zadel, net als zijn zoon en zijn Afrikaanse medewerkers. Ik was opgetogen en gefascineerd.

Fredy Knie senior vroeg mij toen of het mogelijk was dat zijn paarden elke dag lange rustige stapritjes mochten maken op de groene domeinen van de EMPFA. Daar kwam hij ook in contact met Henri Chammartin en kwamen ze overeen dat Fredy de ruiters in de groep van Chammartin zou helpen bij hun training. Op die manier genoten met name Lehmann, Bär, Mäder en ik het privilege om zijn geweldige hulp te krijgen.

ED: Meneer Lehmann, hoe kwam u voor het eerst in contact met Fredy Knie senior?
UL: Elke keer dat Circus Knie in Bern neerstreek, kwam Fredy altijd op bezoek bij de groep van Chammartin bij de EMPFA. Bij één van die gelegenheden toonde hij tijdens een piaffe waar je het bijvoorbeeld de hulpen moest geven. Toen Chammartin rond 1973/1974 met pensioen ging, werd het contact verbroken, maar tijdens de dressuurwedstrijd in 1975 in Aarau, kwam Fredy Knie kijken en is het contact weer hersteld.

Knie senior was oprecht geïnteresseerd in dressuurwedstrijden?
UL: Absoluut.

P-E.J.: De relatie tussen de EMPFA en Knie begon in de jaren ’60. Ik begon zelf bij de EMPFA in 1963. Het bestuur werd uitgenodigd om de ochtendtraining zo nu en dan te volgen en zo is het contact ontstaan.

De piaffe verbeteren
ED: Meneer Lehmann, wanneer begon u nauwer samen te werken met Fredy Knie senior?
UL: Het was in de winter van 1975-1976. Na de wedstijd in Aarau kwam ik steeds meer in de belangstelling van Fredy Knie senior te staan. Hij kwam naar Bern als hij in Basel of Freiburg was. Toen maakte hij eens de opmerking dat het aan te bevelen was dat ik tijdens de winter naar hem toe zou komen, toen zijn zoons in het buitenland bij een ander circus waren. Ik kreeg veertien dagen vrij van werk om dit bezoek mogelijk te maken en nam Widin mee.

Waren de voorbereidingen op de Olympische Spelen in Montréal het belangrijkste doel?
UL: We werkten vooral aan de piaffe en de passage. Tot op dat moment was dat Widin zijn zwakke plek, hij trapte zichzelf tegen de achterkant van zijn kroonrand. In 1975 werd ik voor de Europese kampioenschappen in Kiev voor het eerst gevraagd voor het Zwitserse team en ik vroeg Georg Wahl om advies. Hij dacht dat we dit probleem waarschijnlijk nooit opgelost zouden krijgen, maar tijdens mijn korte verblijf bij Knie in de winter van 1957-1976 wist Fredy deze kwestie toch op te lossen.

ED: Hoe heeft hij dat gedaan?
UL: Door simpelweg op het juiste moment de juiste plek aan te raken. Hij was echt een grootheid, in het bijzonder voor de piaffe en passage.

P-E.J.: Om een paard aan te raken, om aandacht aan een paard te besteden en exact te weten hoe krachtig de reactie is, als ik dat toepas, dat is wetenschap. En dat verschilt van paard tot paard. Fredy Knie senior was daar echt kampioen in. Hij had het talent om elk paard meteen en zonder problemen de piaffe te leren. Hij raakte ze amper tot niet aan. Het enige dat hij deed, was ze heel zachtjes aanraken met de zweep. Ik had al veel meegemaakt met Gottfried Trachsel (olympisch medaillewinnaar met het Zwitserse dressuurteam in de jaren ’50), maar dit was gewoonweg ongelooflijk.

UL: Het werken aan de hand speelde een grote rol. Tijdens de twee weken bij Knie in de winter van 1975-1976 waren ze best streng. Ik verbleef in de dierentuin van Rapperswil en moest ’s ochtends helpen met het repeteren van nieuwe nummers. ’s Avonds zat ik bij Knie in zijn caravan. Rond 20.00 uur viel hij altijd in slaap, en werd dan rond 22.00 uur weer wakker. Dan pakte hij de paardenbeeldjes van de plank, dit waren paarden die de oefeningen van de Spaanse Rijschool toonden, en zette die op de tafel. Hij liet me dan zien waar je de paarden het beste kon aanraken. Het was erg interessant, we gingen elke avond door tot twee of drie uur ’s nachts. Aan het einde van mijn tijd bij Knie was ik totaal uitgeput.

Voorzetting van de samenwerking
ED: Werd Widin in jouw periode bij Knie ook getraind in de kleine circuspiste?
UL: In het winterverblijf van Knie in Rapperswil is een normale binnenbak, ook is er een typische circuspiste. Widin werd veel in de circuspiste getraind, met positief resultaat. Aan het eind van 1976 zou het Zwitserse olympische dressuurteam een show geven in het indoor stadion in Zürich, waar ook een piste was gemaakt voor Knie. Alleen Widin kon in die piste de wissels om de pas laten zien, want hij was al gewend aan zo’n kleine ronde piste.

ED: Is de samenwerking met Fredy Knie senior nog voortgezet na Montréal?
UL: Ja, tot ik in de jaren ’90 mijn carrière beëindigde. Als hij in de buurt was, kwam hij altijd even langs.

ED: Andere bekende dressuurruiters uit Zwitserland zochten ook deze samenwerking…
P-E.J.: Knie bood zichzelf nooit aan als trainer. Je moest naar hem toe komen en het vragen, ook wilde hij een band met de ruiter hebben voor hij het deed.

UL: Toen ik succesvol werd, werd hij bijna platgebeld met verzoeken. Otto Hofer, Silvia Iklé, Doris Ramseier en haar zoon Daniel, maar ook Antonella Joannou, zij was toen nog maar een tiener.

ED: Knie werd toen dus gevraagd als specialist voor de piaffe en passage?
P-E.J.: Ik kan niet oordelen over hoe hij met anderen trainde. Hier bij de EMPFA was hij de specialist in het grondwerken. Hij was hier ook met name voor piaffe en passage. Persoonlijk heb ik heel veel van hem geleerd. Vele jaren ging ik elke ochtend naar de ochtendtrainingen, als het circus in Bern was.

Het paard moet het vrijwillig doen

ED:Wat was het motto van Knie qua werk?
P-E.J.: Zijn grootste motto was “het paard moet het leren, maar hij moet het ook vrijwillig doen”. Het is nooit goed om het dier te dwingen iets te doen. Ik zweer bij mijn leven dat hij nooit de paarden geslagen heeft. Het moest vrijwillig zijn, tegen elke prijs. Wat in het bijzonder indruk op mij maakte, was dat de paarden niet alleen met hun hart iets leerden, maar ook altijd op hem gefocust waren. Snoepjes speelden ook een belangrijke rol. Ik herinner mij dat, toen we voor het eerst met Knie werkten bij de EMPFA, we deze niet hadden. Hij schold ons er echt voor uit. Vanaf dat moment hadden we altijd paardensnoepjes paraat, zakken vol!

ED: Dus de paarden waren extreem gefocust op hem?
UL: Ja! Er werd zelfs gezegd dat hij de paarden zou hypnotiseren. Dit is natuurlijk niet waar, maar hij had wel een extreem goede verstandhouding met de dieren.

P-E.J.: Hij hypnotiseerde ze absoluut niet, maar hij wist wel exact waar hij zelf moest gaan staan. Ik heb hem een tijdje kunnen observeren, lang geleden, toen zijn kleindochter Geraldine nog een heel klein meisje was. Zij oefende een kleine volte met haar pony, maar kreeg het maar niet voor elkaar. Fredy nam haar bij de arm en zei “één stapje achteruit.” Het werkte meteen. Paarden nemen de wereld waar via hun ogen, neus en oren.

UL: Het past in het plaatje dat Fredy Knie senior overdag nooit alcohol dronk. Hij zei altijd: een slokje alcohol en je reacties zijn niet meer hetzelfde. Dat is onmogelijk als je met paarden werkt.

ED: Hij ontketende een revolutie in het circus, op een bepaalde manier?
P-E.J.: Fredy Knie brak met de gebuikelijke methodes van die tijd, methodes die zelfs zijn vader nog had gebruikt. Hij trainde de paarden met veel liefde en kalmte, maar tegelijkertijd was hij erg vastberaden. Hij had één overeenkomst met de grote oude meesters: het werk moest altijd in totale ontspanning gedaan worden. Spanning was een no go.

Afbeelding

Ik hunker naar vriendschap, wil graag geborgen zijn. Ik deel in jouw blijdschap en ook als er zorgen zijn. Maar vraag niet mijn leven, dat kan ik jou niet geven. Mijn leven is van mij! Van mij! Pia Douwes - Elisabeth - Mijn leven is van mij!
&if=1


Rule_Breaker

Berichten: 43
Geregistreerd: 30-01-22
Woonplaats: Noord Holland

Link naar dit bericht Geplaatst: 20-02-23 19:49

Mooi stuk weer!
Fredy Knie was echt een grootmeester !

Alive and OK :)

Antwoord op onderwerpPlaats een reactie

Wie is er online

Gebruikers op dit forum: Geen geregistreerde gebruikers en 0 bezoekers