In 2005 kreeg Ret een blessure terwijl hij klaar was voor een 120 km. Die wens moest ik dus nog even uitstellen – ervan uitgaande dat hij er weer helemaal bovenop zou komen. En dat kwam hij: in juli 2006, ruim een jaar later, liep hij weer een 90 km uit. De 120 moest echter weer even wachten, deze keer wegens werkverplichtingen. In plaats daarvan werd het een succesvolle 100 km in Wanroij.
In mei van dit jaar wilde ik de 120 km in Zelhem rijden. Half maart trapte Ret echter op een scherpe steen. Resultaat: een zoolkneuzing en een maand voorbereidingstijd kwijt. Twee wedstrijden moest ik afzeggen, Zelhem werd de eerste van het seizoen en dat werd de 60 in plaats van de 120. Vervolgens in juni een super 75 km in Laag Soeren. Klaar voor de 120. Holten bood dit jaar voor het eerst een 120 aan en zoveel nationale 120'ers zijn er niet, dus toch maar doen. In de aanloop heb ik voor de training bewust andere gebieden opgezocht zodat onze Berg ons niet zou gaan vervelen. Af en toe wel een grote ronde over de Berg, maar dan samen met anderen om de motivatie erin te houden. Uiteindelijk moest de wedstrijd voor ons allebei zo leuk mogelijk blijven - en stoppen kon altijd, dan was het een mooie training voor een 120 in Duitsland.
Zo kwam september dichterbij. Nadat Ret op vrijdagavond met een nette vetkaart door de keuring was gekomen kon ik met een gerust hart de volgende ochtend om 6 uur (!) van start. De wekker ging om half 4, ondanks het feit dat Ret in zijn eigen weitje en ik mijn eigen bed kon overnachten. Om kwart over 4 in het maanlicht een slaperig paard uit de wei gehaald en gevoerd, en tegen kwart voor 5 op weg naar de manege in Haarle. Onmenselijk vroeg, volgens een van mijn grooms: om die tijd moet de wereld nog gemaakt worden.

Zes combinaties gingen van start. Het eerste rondje bleven we nog redelijk bij elkaar. Om half 9 was de eerste vetgate in zicht en terwijl de 82 km net was gestart hadden wij onze eerste 38 km er al op zitten. Ret was wat druk in zijn hoofd, maar ik kon hem redelijk snel aanbieden (3 minuten). Prima waarden en hij at en dronk vervolgens goed, dus op naar het tweede rondje. Ook weer grotendeels samen gereden met Donna en Carmen. Voor we het wisten waren we terug op de manege – 71 km tot nu toe. Ret werd de laatste kilometers weer wat druk, deze keer iets meer tijd genomen om aan te bieden (bijna 5 minuten), maar ook nu weer een nette vetkaart. Drie combinaties mochten eerder de vetgate uit dan wij, maar het grootste stuk hadden we er inmiddels op zitten en ik zag er niet tegenop om de overige 49 km in mijn eentje te moeten doen.
Gek genoeg vlogen ook het derde en later het vierde rondje voorbij. Het verbaasde me dat de verveling niet toesloeg, niet bij mij en niet bij Ret. Zelfs na 80 km wilde hij bij de groompunten niet langer stilstaan dan nodig was: 'ik ben hier om te lopen, kom op, we gaan door!' Heel even dacht ik een dipje te voelen op 90 km: hij ging stappen en reageerde niet op mijn been, maar sprong al snel uit zichzelf weer aan in galop. Daarna zonder problemen naar de vetgate op 98 km en toen de laatste 22 km. Op de laatste 800 m berm mocht niet gegaloppeerd worden en ik moest moeite doen om hem in draf te houden, hij wilde graag galopperen. Op zo’n 200 m voor de finish gaan stappen en toen we de manege in reden werd er gejuicht en geklapt. Ik zat in tranen op mijn paard en ben voorover gaan hangen om hem eens flink te knuffelen. We hadden het erop zitten: 120 km in onze eigen achtertuin! Hartslag 60, we werden al aan alle kanten gefeliciteerd, maar mijn reactie is dan altijd: eerst de nakeuring nog.
In het halve uur voor de keuring at hij als een bezetene en ook water ging er prima in. Het was me in Laag Soeren al opgevallen dat Ret tijdens de vetgates in de spaarstand gaat: geen overbodige bewegingen, hij staat erbij alsof hij ieder moment in slaap kan vallen, maar hij eet en drinkt goed en zodra het zadel erop gaat, gaan de oortjes er weer op. Ik ben heel blij dat hij beter voor zichzelf is gaan zorgen, hij wordt misschien nog wel eens een echt endurancepaard.

De hartslag zakte al snel naar 50 en bij de nakeuring bleek deze 48 te zijn – niet anders dan bij een wedstrijd over een kortere afstand. Overige waarden waren ook prima – dit is de eerste wedstrijd die we geheel met turgor <1 en bij elke keuring volledige darmgeluiden hebben afgelegd! De enige bemerking kwam op de slijmvliezen, maar de turgor bleef de hele wedstrijd uitstekend en de DA liet weten dat slijmvliezen ook geïrriteerd kunnen raken door stof, dus geen reden tot bezorgdheid.
Als laatste de locomotie. Je draaft heen en weer, de DA knikt en schrijft een A op. Wat er dan door je heen gaat... Onze eerste 100 km was al een mijlpaal, maar dit helemaal. HONDERDTWINTIG kilometer... Een ander pakt daar de auto voor, ik doe dat met mijn paard in mijn eigen achtertuin. Trots, zo trots op mijn knol. En diep respect voor al die ruiters die er al een of meerdere 160'ers op hebben zitten. Ik weet niet of ik dat ooit ga nadoen, ik vond 120 best te doen maar het idee van nog 40 km meer... Nou ja, we zien wel. Deze hebben we in ieder geval binnen! Onze snelheid was overigens 14 km/u (terwijl ik op 12-13 had ingezet) en daarmee eindigden we op de 4e plaats.
Thuis ging Ret in de 'uit-stand'. Dat ben ik van hem gewend na een drukke dag, hij wil dan met rust gelaten worden, ook door zijn weidegenoten. Eten wilde hij, alleen maar eten. Oh ja, en af en toe ook nog wat drinken. Een goed teken. De volgende dag stond hij nog steeds een beetje in de 'uit-stand'. Hij leek er niet veel van te snappen dat hij weer op de trailer moest voor de verplichte keuring op zondagochtend, maar hij liet het over zich heen komen. Lichamelijk zal het niet heel zwaar voor hem zijn geweest, maar op mentaal niveau denk ik dat het wel indruk heeft gemaakt. Aan de ene kant prettig dat hij in zijn eigen omgeving kon overnachten, aan de andere kant merkte je toch wel aan hem dat hij het maar verwarrend vond, drie dagen achter elkaar op de trailer naar de manege waarvan twee keer alleen voor een kwartiertje keuren. Maar nog steeds een enorme eetlust (ook gisteren ging de slobber weer tot het laatste druppeltje op) en inmiddels mogen zijn weidegenotes en ik hem ook weer storen.
Ik ben geweldig trots op mijn knol, die na zijn blessure zo netjes is teruggekomen. De prognose was destijds goed, maar in de praktijk moet je het natuurlijk altijd maar afwachten (nu hopen dat het ook zo blijft!). Conditioneel gezien was het in ieder geval totaal geen probleem voor hem. Mentaal gezien denk ik dat we de uitdaging nu wel ergens anders moeten gaan zoeken – voor Ret was dit dus ook definitief de laatste keer Endurance Holten!

Wat we nu gaan doen? Misschien in oktober nog iets korts, voor de 1500 km-award hebben we nog 35 km nodig. Maar eerst krijgt Ret vakantie. En die duurt tot het moment dat hij met een lang gezicht bij het hek komt staan: 'Ga je nog wat met me doen of hoe zit dat?'
De komende twee weken mag hij in ieder geval even lekker weideversiering zijn en bijkomen van die 120 km door zijn eigen achtertuin.Met onze spierpijn valt het overigens mee. Ret voelde ook de volgende dag nog lekker soepel aan. Ik heb wel wat last van mijn kuiten, maar niet onoverkomelijk, zeker niet als ik in beweging blijf. Ik voel dat ik heb gereden, maar dat mag ook na 120 km. Pijnlijk is het in ieder geval niet en de man met de hamer ben ik onderweg alwéér niet tegengekomen.
Tot slot nog een heel groot DANK JE WEL!! voor mijn grooms: Marco, Laura, Nienke en Henla. Zonder grooms red je het niet, zeker niet op zo’n lange afstand. Voor Henla was het ook nog eens haar debuut als groom, meteen op de 120 dan maar. Natuurlijk ook een heel groot DANK JE WEL!! voor de familie De Weerd, die dit jaar voor de 20e maal deze wedstrijd organiseerde en dat weer perfect deed. Dankzij Maarten kwam ik in 2001 met de endurance in aanraking (daarvoor moet je dan helemaal naar Nieuw-Zeeland) en je ziet waar het toe heeft geleid. Voor mij was het de 7e keer dat ik erbij was in Holten (als deelnemer of vrijwilliger) – 7 is al jaren mijn geluksgetal en dat bleek nu maar weer eens. En DANK JE WEL!! voor iedereen die mij op de vetgates en langs de route heeft aangemoedigd. Op het pad achter onze vorige stal stonden tijdens de laatste ronde heel wat oud-stalgenoten te wachten tot we voorbij kwamen – op dat moment hadden we nog ruim 12 km te gaan tot de finish. Heerlijk als je dan soepel voorbij komt galopperen. Op 8 km voor de finish kwam ik mijn buurman tegen met de huifkar, die gelooft het vast niet als ik zeg dat we er toen al 112 km op hadden zitten.

Voor mij is Ret mijn topknol. We hebben het samen gedaan en ik hoop nog heel lang plezier van hem te hebben. Geen idee of ik van dit soort afstanden een gewoonte maak, om eerlijk te zijn vind ik 80'ers en 90'ers toch net wat leuker om te rijden, maar wie weet. Hij heeft nu in ieder geval laten zien dat hij het kan.
En voor wie zich afvraagt hoe close ik ben met de wethouder: ik werk binnen zijn gemeente op zijn beleidsterrein (sport) en we zijn dus een soort 'collega's'. Grappig toeval dat hij mijn prijs aan mij mocht uitreiken.

Marco heeft deze keer geen foto's gemaakt, die was te druk met groomen. De onderstaande foto (links Donna en Karrimh, de uiteindelijke winnaars) is gemaakt door Bjorn van Bon - bedankt Bjorn!
Wat een lang verslag, Karin (maar je hebt dan ook een flinke afstand gereden, dus dan mag het)!


Zei ze nadat hij net 120 km uitgelopen heeft........
